There is nothing to writing. All you do is sit down at a typewriter and bleed. – Ernest Hemingway

Nu mijn novelle De citroen op de taart op eigen benen staat en de wereld is ingetrokken, ben ik weer aan het schrijven geslagen. Op mijn laptop staat boek twee van Bestemming Parijs – waarvan het eerste deel in juli uitkomt – te wachten om tot leven te komen. Wat is het toch heerlijk om de personages weer om me heen te hebben en nieuwe avonturen met hen te beleven in de stad van de liefde. 

Langzaam kom ik weer in mijn vaste schrijfritme, want voor mij werkt dat het best. En volgens mij heeft iedere schrijver dat wel, want het romantische beeld dat we kennen uit films dat schrijvers alleen ’s nachts werken aan hun manuscript, zittend aan een oud bureau met een fles wijn naast zich en een asbak vol met sigarettenpeuken, is volgens mij niet helemaal waarheidsgetrouw. 
Ernest Hemingway bijvoorbeeld stond op met de zon waarna hij direct begon te schrijven. Hij werkte altijd staand – de man was zijn tijd ver vooruit – en schreef meestal tot een uur of twaalf. Zijn dagelijks aantal woorden zat rond de 500 met af en toe een uitschieter naar 1200. Voor hem voelde een ochtend schrijven als de liefde bedrijven met iemand waar je van houdt. Romantisch, vind je niet?
Ook Shephen King is een vroege vogel. Hij gaat rond acht uur aan het werk na een kop koffie en een vitaminepil. Ook hij schrijft tot het middaguur. 

Zelf ben ik ook een early bird. Ik sta meestal rond zeven uur op en duik dan direct achter mijn laptop. Ik beantwoord mijn mail, maak een to-do lijst voor de dag en ga dan de deur uit richting de sportschool. Na een uurtje beweging neem ik een douche en na het ontbijt ga ik aan de slag tot aan de lunch. In de middag werk ik door tot mijn hoofd leeg is. Dat lijkt heel productief, maar ik moet er eerlijkheidshalve bij vermelden dat ik tijdens mijn schrijfuren ook regelmatig afdwaal naar Instagram, een spelletje op mijn telefoon of ik speur het internet af naar gossips over mijn favoriete acteurs. 

Natuurlijk zal ik de komende maanden ook de minder leuke kanten van het schrijven weer gaan meemaken. Want hoe heerlijk het ook is om je fantasie de vrije loop te laten en daar mooie zinnen van te maken, hoe lastig zijn de dagen dat je bijna huilend van frustratie achter je laptop zit omdat wat je vandaag hebt opgeschreven echt het aller slechtste is wat iemand ooit heeft neergepend. In mijn geval kan ik dan niets anders doen dan mezelf troosten met een reep chocolade en een kop thee om er de volgende dag achter te komen dat mijn schrijfsels toch minder slecht waren dan ik mezelf had wijsgemaakt.
Maar de dagen dat het verhaal bijna als vanzelf je pen uitvloeit zijn er natuurlijk ook. Dat je niet hoeft na te denken, maar gewoon lekker aan het schrijven bent, ontspannen en nieuwsgierig naar de volgende zin die in het verschiet ligt. Dat het lijkt alsof de personages je hun hele hebben en houwen toefluisteren en jij alleen maar hoeft te luisteren. 

In ieder geval heb ik mijn schrijftenue weer uit de kast gehaald: een versleten joggingbroek, een  sweater en ongekamd haar. Niet heel flatteus, ik weet het, maar o zo fijn! 

Als je ook graag schrijft, wat is dan jouw schrijfritueel? Laat een berichtje achter in de comments!

Write A Comment